ECLI:NL:HR:2012:BW7480
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- M.A. Loth
- G. Snijders
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst woonruimte wegens niet-hoofdverblijf en strijd met huurvoorwaarden
In deze zaak stond de ontbinding van een huurovereenkomst voor woonruimte centraal. De huurder gebruikte de gehuurde woning niet als hoofdverblijf, hetgeen volgens de huurvoorwaarden niet was toegestaan. De kantonrechter te Rotterdam had eerder de ontbinding uitgesproken, en het gerechtshof te 's-Gravenhage bevestigde dit oordeel in hoger beroep.
De eiser stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad heeft het beroep echter verworpen omdat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad veroordeelde de eiser tot betaling van de kosten van het cassatiegeding, die aan de zijde van de wederpartij op nihil werden begroot. Hiermee bleef het arrest van het hof ongewijzigd en werd de ontbinding van de huurovereenkomst definitief bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de ontbinding van de huurovereenkomst bevestigd.