ECLI:NL:HR:2012:BX5012
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- W.F. Groos
- J. Wortel
- N. Jörg
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen sprake van hetzelfde feit bij verschillende strafbare gedragingen op dezelfde dag
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin werd geoordeeld dat geen sprake was van hetzelfde feit in de zin van artikel 68 Wetboek Pro van Strafrecht. Verdachte was eerder vrijgesproken van bedreiging van twee slachtoffers door dreigend rijgedrag en bedreigende woorden, maar werd later vervolgd voor verkeersgevaarlijk gedrag op dezelfde dag en locatie.
De Hoge Raad herhaalt de relevante overwegingen uit eerdere jurisprudentie en stelt dat bij de beoordeling van 'hetzelfde feit' gekeken moet worden naar de juridische aard van de feiten, de beschermde rechtsgoederen en de strafmaxima, alsmede naar de aard, strekking, tijd, plaats en omstandigheden van de gedragingen. In deze zaak verschillen de strafbare feiten aanzienlijk: bedreiging richt zich op de vrijheid van personen, terwijl verkeersgevaarlijk gedrag de veiligheid op de weg beschermt.
De Hoge Raad concludeert dat het verschil in rechtsgoederen en strafmaxima dermate groot is dat geen sprake kan zijn van hetzelfde feit. Het hof heeft daarom terecht geoordeeld dat de eerdere vrijspraak niet in de weg staat aan de vervolging voor het verkeersgevaarlijke gedrag. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat geen sprake is van hetzelfde feit en verwerpt het cassatieberoep.