ECLI:NL:HR:2012:BX7460

Hoge Raad

Datum uitspraak
26 oktober 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/05159
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 1:266 BWArt. 1:267 BWArt. 1:268 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen ontheffing ouderlijk gezag

In deze zaak hebben de ouders cassatieberoep ingesteld tegen de beschikking van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch waarin het ouderlijk gezag werd ontheven. De Raad voor de Kinderbescherming trad op als verweerder in cassatie, maar heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen.

De Hoge Raad verwijst naar de eerdere beslissingen van de rechtbank en het gerechtshof en stelt vast dat de aangevoerde klachten in het cassatiemiddel niet leiden tot cassatie. Gezien artikel 81 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is geen nadere motivering vereist omdat de klachten geen rechtsvragen oproepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt daarmee de ontheffing van het ouderlijk gezag zoals vastgesteld door de lagere instanties. De uitspraak werd gedaan door de raadsheren van Buchem-Spapens, Heisterkamp, Loth en uitgesproken door Van Oven op 26 oktober 2012.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de ouders tegen de ontheffing van het ouderlijk gezag wordt verworpen.

Uitspraak

26 oktober 2012
Eerste Kamer
11/05159
EE/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
1. [Verzoeker 1],
2. [Verzoekster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: aanvankelijk mr. P. Garretsen, thans mr. K. Aantjes,
t e g e n
DE RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING,
gevestigd te Eindhoven,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de ouders en de Raad.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 219276/FA RK 10-5679 van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 18 februari 2011;
b. de beschikking in de zaak 200.086.357/01 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 23 augustus 2011.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof hebben de ouders beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Raad heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.A. Loth, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 26 oktober 2012.