ECLI:NL:HR:2012:BX8086

Hoge Raad

Datum uitspraak
2 oktober 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/02884
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 342 lid 2 SvArt. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
5 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in zaak poging tot moord en seksueel binnendringen

De zaak betreft een 15-jarige dochter die door haar vader werd geprobeerd te wurgen in een kelderruimte en met een zaklamp en hamer tegen haar hoofd werd geslagen. Daarnaast had de verdachte gedurende vijf maanden een seksuele relatie met zijn minderjarige dochter, wat neerkomt op seksueel binnendringen bij iemand onder de 16 jaar.

Het cassatieberoep richtte zich onder meer op vermeende schending van artikel 342 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering, maar de Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden. Er was geen noodzaak tot nadere motivering omdat de aangevoerde middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad bevestigde daarmee het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 14 juni 2011 en verwierp het beroep van de verdachte. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren op 2 oktober 2012.

Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling wegens poging tot moord en seksueel binnendringen bij een minderjarige.

Uitspraak

2 oktober 2012
Strafkamer
nr. S 11/02884
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 14 juni 2011, nummer 23/002732-10, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Noord-Holland Noord, locatie Zuyder Bos" te Heerhugowaard.
1. Geding in cassatie
1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. H.K. ter Brake, advocaat te Hoorn, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
1.2. De raadsman van de verdachte heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren W.F. Groos en J. Wortel, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken op 2 oktober 2012.