ECLI:NL:HR:2012:BX8162

Hoge Raad

Datum uitspraak
25 september 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/02465 H
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Herziening
Rechters
  • A.J.A. van Dorst
  • J.P. Balkema
  • J.W. Ilsink
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 457 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring van aanvragen tot herziening strafzaken door Hoge Raad

De Hoge Raad behandelde op 25 september 2012 de aanvragen tot herziening van zes strafzaken, ingediend door een verzoeker. De aanvragen waren gebaseerd op vermeende nieuwe feiten die volgens de verzoeker het onderzoek en de uitkomst van de oorspronkelijke zaken zouden kunnen beïnvloeden.

De Hoge Raad overwoog dat krachtens artikel 457, eerste lid, aanhef en onder 2°, van het Wetboek van Strafvordering alleen nieuwe, feitelijke omstandigheden die bij het eerdere onderzoek niet bekend waren en die een ernstig vermoeden wekken dat de zaak anders had kunnen worden beslist, als grondslag voor herziening kunnen dienen. De Raad constateerde dat eerdere aanvragen tot herziening met dezelfde gronden reeds waren afgewezen of niet-ontvankelijk verklaard.

De aangevoerde gronden in de huidige aanvragen werden als onvoldoende beoordeeld om een ernstig vermoeden te wekken dat het onderzoek of de strafuitspraak anders zou zijn geweest. Daarom verklaarde de Hoge Raad de aanvragen niet-ontvankelijk. De raadsheren Balkema en Ilsink waren niet in staat het arrest te ondertekenen.

Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvragen tot herziening niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van nieuwe feiten die een herziening rechtvaardigen.

Uitspraak

25 september 2012
Strafkamer
nr. S 11/02465 H
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op aanvragen tot herziening van de in aanvragen vermelde rechterlijke uitspraken in de zaken met de parketnummers 21/002849-02, 13/111253-01, 23/004758-06, 21/002150-01, 23/000014-05 en/of 07/602462-05, ingediend door:
[Aanvrager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1968, wonende te [woonplaats].
1. De aanvragen tot herziening
De aanvragen tot herziening zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
2. Beoordeling van de aanvragen
2.1. Als grondslag voor een herziening kunnen, voor zover hier van belang, krachtens het eerste lid, aanhef en onder 2° van art. 457 Sv Pro slechts dienen een of meer door een opgave van bewijsmiddelen gestaafde omstandigheden van feitelijke aard die bij het onderzoek op de terechtzitting niet zijn gebleken en die het ernstig vermoeden wekken dat, waren zij bekend geweest, het onderzoek der zaak zou hebben geleid hetzij tot vrijspraak van de veroordeelde, hetzij tot ontslag van rechtsvervolging, hetzij tot niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie, hetzij tot toepasselijkverklaring van een minder zware strafbepaling.
2.2. Bij eerder gewezen arresten van de Hoge Raad zijn eerdere aanvragen tot herziening van de in de aanvragen bedoelde rechterlijke uitspraken afgewezen onderscheidenlijk niet-ontvankelijk verklaard. Voor zover de aanvragen steunen op dezelfde gronden die in die eerdere arresten ongenoegzaam zijn geoordeeld, kunnen zij niet worden ontvangen. Voor het overige kan hetgeen in de aanvragen is aangevoerd niet worden aangemerkt als een beroep op omstandigheden welke een ernstig vermoeden wekken als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2º, Sv, zodat zij ook in zoverre niet kunnen worden ontvangen.
3. Beslissing
De Hoge Raad verklaart de aanvragen niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en J.W. Ilsink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 25 september 2012.
Mr. Balkema en mr. Ilsink zijn buiten staat dit arrest te ondertekenen.