ECLI:NL:HR:2012:BY0230
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- N. Jörg
- V. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Verwerping beroep in cassatie tegen arrest Gerechtshof Arnhem
In deze zaak heeft de verdachte beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 8 april 2011. De advocaat van de verdachte heeft middelen van cassatie voorgesteld, die aan het arrest zijn gehecht. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft de middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is geen nadere motivering vereist, omdat de middelen geen rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
Daarom heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en het arrest van het Gerechtshof in stand gelaten. Het arrest is gewezen door de vice-president van de Hoge Raad als voorzitter en twee raadsheren, en uitgesproken op 20 november 2012.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte is verworpen en het arrest van het Gerechtshof Arnhem blijft in stand.