ECLI:NL:HR:2012:BY2264
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- N. Jörg
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch. De Hoge Raad heeft het beroep deels gegrond verklaard vanwege overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6, eerste lid, EVRM. De stukken waren te laat door het hof ingezonden, en de uitspraak vond plaats na meer dan twee jaar na het instellen van het cassatieberoep.
De Hoge Raad vernietigt daarom het bestreden arrest uitsluitend wat betreft de duur van de opgelegde gevangenisstraf en vermindert deze tot elf maanden en drie weken, waarvan acht maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Voor het overige wordt het beroep verworpen.
De raadsman heeft schriftelijk gereageerd op de conclusie van de Advocaat-Generaal, die had geconcludeerd tot vernietiging van het arrest wat betreft de straf en vermindering daarvan. De Hoge Raad oordeelt dat de middelen niet tot cassatie kunnen leiden behalve het middel over de redelijke termijn.
Het arrest is gewezen door de vice-president van Dorst als voorzitter en de raadsheren de Hullu en Jörg, en uitgesproken op 4 december 2012.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot elf maanden en drie weken, waarvan acht maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, wegens overschrijding van de redelijke termijn.