ECLI:NL:HR:2012:BY3349
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in cassatie tegen navorderingsaanslag en vergrijpboete inkomstenbelasting 2003
In deze zaak betrof het een cassatieberoep van belanghebbende tegen een uitspraak van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 2 maart 2012. De uitspraak van het hof ging over een navorderingsaanslag inkomstenbelasting en premievolksverzekeringen over het jaar 2003, alsmede een opgelegde vergrijpboete.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard. Dit betekent dat het beroep niet aan de formele vereisten voldeed of dat de Hoge Raad om andere redenen niet inhoudelijk op het beroep is ingegaan.
De beslissing bevestigt daarmee het oordeel van het gerechtshof en laat de navorderingsaanslag en de vergrijpboete in stand. De uitspraak is definitief en kan niet verder worden aangevochten binnen de cassatieprocedure.
De zaak betreft bestuursrechtelijke en belastingrechtelijke aspecten rondom navordering en boetes, waarbij de Hoge Raad de formele ontvankelijkheid van het cassatieberoep toetst.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard, waardoor het hofarrest ongewijzigd blijft.