ECLI:NL:HR:2012:BY6176

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 december 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
12/04581
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 288 lid 1 aanhef en onder b en c FwArt. 288 lid 3 Fw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing toelatingsverzoek WSNP wegens ontbreken goede trouw

In deze zaak heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie van verzoeker verworpen tegen het arrest van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch, waarin het toelatingsverzoek tot de Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) werd afgewezen wegens het ontbreken van goede trouw zoals bedoeld in artikel 288 lid 1 aanhef Pro en onder b en c van de Faillissementswet (Fw).

De Hoge Raad verwijst naar het vonnis van de rechtbank Breda en het arrest van het gerechtshof, die aan het arrest gehecht zijn, en bevestigt dat de klachten in cassatie niet leiden tot cassatie omdat zij geen rechtsvragen oproepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De zaak betreft de toepassing van de hardheidsclausule in artikel 288 lid 3 Fw Pro, waarbij het hof oordeelde dat verzoeker niet aan de vereiste goede trouw voldeed om toegelaten te worden tot de WSNP.

De Hoge Raad bevestigt hiermee de afwijzing van het toelatingsverzoek en benadrukt het belang van goede trouw bij toelating tot de schuldsanering.

Het arrest is gewezen door de raadsheren Streefkerk, Heisterkamp en Snijders en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Van Oven op 14 december 2012.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het toelatingsverzoek tot de WSNP wordt afgewezen wegens ontbreken van goede trouw.

Uitspraak

14 december 2012
Eerste Kamer
12/04581
EE/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.
Verzoeker tot cassatie zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 24842 FT-RK 12.666 van de rechtbank Breda van 9 juli 2012,
b. het arrest in de zaak HV 200.110.117/01 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 18 september 2012.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 14 december 2012.