ECLI:NL:HR:2013:10

Hoge Raad

Datum uitspraak
25 juni 2013
Publicatiedatum
2 juli 2013
Zaaknummer
11/05614
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Artikel 81 RO-zaken
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep in cassatie tegen arrest Gerechtshof Arnhem

De verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 22 juli 2011 in een strafzaak. De advocaat van de verdachte heeft middelen van cassatie voorgesteld, welke zijn beoordeeld door de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de middelen niet tot cassatie kunnen leiden en dat nadere motivering niet nodig is omdat de middelen geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen. Het beroep is derhalve verworpen.

Dit arrest is gewezen door de strafkamer van de Hoge Raad op 25 juni 2013 en uitgesproken ter openbare terechtzitting. Hiermee blijft het arrest van het Gerechtshof Arnhem in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen, waardoor het arrest van het Gerechtshof Arnhem in stand blijft.

Uitspraak

25 juni 2013
Strafkamer
nr. 11/05614
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 22 juli 2011, nummer 21/002827-09, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1959.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. C.B. Bos, advocaat te Nijkerk, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal W.H. Vellinga heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer B.C. de Savornin Lohman als voorzitter, en de raadsheren W.F. Groos en N. Jörg, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
25 juni 2013.