Uitspraak
1.De vordering van de Procureur-Generaal
2.De raadkamer
3.Beoordeling
4.Beslissing
12 juli 2013.
Hoge Raad
De Procureur-Generaal heeft bij de Hoge Raad een vordering ingediend tot ontslag van een rechterlijk ambtenaar wegens arbeidsongeschiktheid op grond van artikel 46i lid 1 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren (Wrra). De rechter was sinds 1 april 2011 door ziekte ongeschikt voor zijn functie en herstel binnen zes maanden werd niet verwacht.
Het UWV heeft een deskundigenoordeel uitgebracht waarin werd bevestigd dat de betrokkene twee jaar onafgebroken arbeidsongeschikt was en dat duurzame re-integratie niet mogelijk was. Zowel de betrokkene als de president van de rechtbank Gelderland maakten geen gebruik van hun recht om gehoord te worden.
De Hoge Raad heeft op basis van het deskundigenoordeel en het onderzoek in raadkamer geoordeeld dat voldaan is aan de wettelijke voorwaarden voor ontslag. Het ontslag is uitgesproken met ingang van 1 augustus 2013, waarmee de rechterlijk ambtenaar wordt ontslagen wegens langdurige en blijvende arbeidsongeschiktheid.
Uitkomst: De Hoge Raad spreekt het ontslag uit van de rechterlijk ambtenaar wegens langdurige arbeidsongeschiktheid per 1 augustus 2013.