Uitspraak
1.Geding in cassatie
3.Slotsom
4.Beslissing
5 november 2013.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze cassatieprocedure betrof het een strafzaak over vernieling van een ruit aan een perceel in Diemen. De verdachte werd ervan beschuldigd opzettelijk en wederrechtelijk een ruit te vernielen, beschadigen of onbruikbaar maken, een feit toegespitst op artikel 350, eerste lid, Sr.
Het hof had de dagvaarding nietig verklaard omdat het oordeel was dat de termen vernielen, beschadigen en onbruikbaar maken niet voldoende feitelijke betekenis zouden hebben en daardoor de tenlastelegging onvoldoende concreet was. De Advocaat-Generaal stelde cassatie in tegen dit oordeel.
De Hoge Raad oordeelde dat de gebruikte termen wel degelijk feitelijke betekenis hebben conform de strafbepaling en dat het hof een onjuiste rechtsopvatting had gehanteerd. Daarom werd het arrest van het hof vernietigd voor zover het dit oordeel betrof.
De zaak werd terugverwezen naar het hof Amsterdam om het hoger beroep over het tenlastegelegde feit opnieuw te behandelen en te beslissen. Hiermee wordt de procedure voortgezet met een juiste juridische toetsing van de dagvaarding en de tenlastelegging.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting van het tenlastegelegde.