Uitspraak
[X] B.V.te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de
Rechtbank Gelderlandvan 20 juni 2013, nr. AWB 12/4151, betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2008 opgelegde aanslag in de vennootschapsbelasting, nummer [0001].
Hoge Raad
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 20 juni 2013 betreffende een aanslag vennootschapsbelasting over het jaar 2008.
De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief op 4 september 2013 gewezen op de verschuldigdheid van griffierecht en een betalingstermijn van vier weken gesteld. Deze betaling is niet voldaan. Vervolgens is belanghebbende bij brief van 7 oktober 2013 in de gelegenheid gesteld om een verklaring te geven voor het niet tijdig betalen van het griffierecht, maar hier is geen gebruik van gemaakt.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het beroep in cassatie daarom niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is op 29 november 2013 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van griffierecht.