Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
17 december 2013.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 15 december 2011. Verdachte werd in hoger beroep veroordeeld, waarna hij cassatie instelde bij de Hoge Raad. Namens verdachte heeft mr. C. Waling een middel van cassatie ingediend. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De raadsman heeft hier schriftelijk op gereageerd.
De Hoge Raad heeft het middel beoordeeld en geoordeeld dat het niet tot cassatie kan leiden. Er was geen noodzaak tot nadere motivering omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De Hoge Raad heeft het beroep daarom verworpen.
Het arrest is uitgesproken op 17 december 2013 door de strafkamer van de Hoge Raad, bestaande uit raadsheer J. de Hullu als voorzitter en raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink. Hiermee is het arrest van het gerechtshof bekrachtigd en het cassatieberoep van verdachte afgewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof wordt bekrachtigd.