Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2013:97

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 juli 2013
Publicatiedatum
15 juli 2013
Zaaknummer
12/02993
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 382 RvArt. 85 lid 1 RvArt. 22 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep in cassatie inzake nalaten producties en discretionaire bevoegdheid rechter

In deze zaak heeft eiser beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem van 6 maart 2012. Het geschil betreft onder meer de nalatigheid van partijen om producties in het geding te brengen en de discretionaire bevoegdheid van de rechter om partijen te bevelen bescheiden over te leggen.

De Hoge Raad verwijst naar het arrest van het hof en de cassatiedagvaarding, waarbij verweerder verstek liet gaan. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie, mede omdat deze geen rechtsvragen oproepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad verwerpt het beroep en veroordeelt eiser in de kosten van het cassatiegeding, waarbij de kosten aan de zijde van verweerder nihil worden begroot. Het arrest is gewezen door de raadsheren Streefkerk, Heisterkamp en Polak, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Loth op 12 juli 2013.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en eiser wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.

Uitspraak

12 juli 2013
Eerste Kamer
nr. 12/02993
TT/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. K. Aantjes,
t e g e n
[verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder].

1.Het geding in vorige instantie

Voor het verloop van het geding verwijst de Hoge Raad naar het arrest in de zaak 104.002.216 van het gerechtshof te Arnhem van 6 maart 2012.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerder] is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3.Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op
12 juli 2013.