ECLI:NL:HR:2013:988

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 oktober 2013
Publicatiedatum
21 oktober 2013
Zaaknummer
13/00276
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake vennootschapsbelasting aanslagen 2000 en 2001

Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep ingesteld tegen uitspraken van het Gerechtshof te Arnhem betreffende de aanslagen vennootschapsbelasting over de jaren 2000 en 2001. Na behandeling van het cassatieberoep heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de klachten van belanghebbende niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad baseert zich op artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, dat inhoudt dat klachten die niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling geen nadere motivering behoeven. De Hoge Raad acht daarom geen reden om het beroep in cassatie toe te wijzen.

Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is op 18 oktober 2013 in het openbaar uitgesproken en ondertekend door raadsheer Koopman vanwege verhindering van de voorzitter.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraken van het hof bevestigd.

Uitspraak

18 oktober 2013
nr. 13/00276
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X] B.V.te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof te Arnhemvan 4 december 2012, nrs. 11/00511 en 11/00512, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank te Arnhem (nrs. AWB 10/39 en AWB 10/40) betreffende de aan belanghebbende voor de jaren 2000 en 2001 opgelegde aanslagen in de vennootschapsbelasting.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.

2.Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren R.J. Koopman en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 18 oktober 2013.
De voorzitter is verhinderd het arrest te ondertekenen. In verband daarmee is het arrest ondertekend door mr. R.J. Koopman.