ECLI:NL:HR:2013:BY3752
Hoge Raad
- Cassatie
- W.A.M. van Schendel
- B.C. de Savornin Lohman
- Y. Buruma
- J. Wortel
- V. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest valsheid in geschrift journalist met beroep op vrijheid van meningsuiting
De zaak betreft een journalist die valselijk een KLM-personeelspas heeft vervaardigd met het oogmerk deze te gebruiken voor een televisie-uitzending over beveiligingsgebreken op Schiphol-Oost. Het hof had de verdachte ontslagen van rechtsvervolging omdat de vervolging een niet noodzakelijke beperking van zijn recht op vrije meningsuiting vormde onder art. 10 EVRM Pro.
De Hoge Raad bevestigt dat het recht op vrije meningsuiting ook de vrijheid van nieuwsgaring omvat, maar benadrukt dat journalisten slechts onder bijzondere omstandigheden zijn ontslagen van de plicht zich aan de strafwet te houden. De toets is of de journalist te goeder trouw handelt, betrouwbare informatie verstrekt en of het maatschappelijk belang van de openbaarmaking opweegt tegen de ernst van de strafbare handeling.
Het hof had geoordeeld dat er geen andere minder ingrijpende methode was om het beveiligingslek aan te tonen dan het vervalsen van de pas. De Hoge Raad oordeelt dat het hof deze maatstaf niet correct heeft toegepast of onvoldoende heeft gemotiveerd waarom geen alternatieven bestonden, mede omdat de verdachte ook zonder gebruik van de vervalste pas al kon aantonen dat onbevoegde toegang mogelijk was.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag voor hernieuwde beoordeling van de proportionaliteit van de strafvervolging en de toepassing van art. 10 EVRM Pro. Hiermee wordt de balans tussen journalistieke vrijheid en strafrechtelijke sancties opnieuw gewogen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling van de proportionaliteit van de strafvervolging in het licht van art. 10 EVRM.