ECLI:NL:HR:2013:BY4855
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Y. Buruma
- Rechtspraak.nl
Verwerping beroep op noodweer en bevestiging belaging bij stelselmatige inbreuk op persoonlijke levenssfeer
De Hoge Raad heeft op 12 maart 2013 het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam. De zaak betrof een mishandeling op 25 november 2008 waarbij verdachte het slachtoffer met een gebalde vuist sloeg, en een periode van stelselmatige belaging waarbij verdachte de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer ernstig had geschonden.
Het hof oordeelde dat verdachte een mogelijke aanranding door het slachtoffer had uitgelokt door provocatie en dat hij zich daarom niet met succes kon beroepen op noodweer. Dit oordeel werd door de Hoge Raad bevestigd, waarbij werd gewezen op eerdere jurisprudentie dat provocatie het beroep op noodweer kan uitsluiten.
Daarnaast werd de bewezenverklaring van belaging, bestaande uit het dagelijks opwachten van het slachtoffer, het betreden van diens erf ondanks een aanzegging, en het veroorzaken van vrees en inbreuk op de persoonlijke levenssfeer, als toereikend gemotiveerd beoordeeld. De Hoge Raad vond dat verdachte willens en wetens deze inbreuk had gemaakt.
Het arrest bevestigt daarmee de strafrechtelijke kwalificatie van zowel de mishandeling als de belaging en onderstreept het belang van een nauwkeurige motivering bij het beoordelen van noodweer en de inbreuk op grondrechten zoals de persoonlijke levenssfeer.
Uitkomst: Het beroep op noodweer wordt verworpen en de bewezenverklaring van mishandeling en stelselmatige belaging wordt bevestigd.