ECLI:NL:HR:2013:BZ2934
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- N. Jörg
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie
In deze zaak heeft de Hoge Raad op 5 maart 2013 uitspraak gedaan in het cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 14 december 2009.
De verdachte was veroordeeld tot een gevangenisstraf van negen jaar. De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie deels gegrond verklaard vanwege overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro. Deze overschrijding deed zich voor in de cassatiefase, waarbij de uitspraak meer dan twaalf maanden vertraagd werd.
Als gevolg hiervan heeft de Hoge Raad het bestreden arrest vernietigd voor zover het de strafmaat betreft en de gevangenisstraf verminderd tot acht jaar en vijf maanden. Voor het overige is het beroep verworpen en blijft de rest van het arrest in stand.
De uitspraak benadrukt het belang van het naleven van redelijke termijnen in strafprocedures en geeft invulling aan artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafvordering. De Hoge Raad achtte geen aanleiding tot verdere vernietiging of behandeling van andere rechtsvragen.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd van negen jaar tot acht jaar en vijf maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie.