ECLI:NL:HR:2013:BZ2951
Hoge Raad
- Cassatie
- W.A.M. van Schendel
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens onvolledige volmacht advocaat
De verdachte werd door de rechtbank Zutphen veroordeeld tot een geldboete en subsidiair hechtenis wegens eenvoudige belediging en wederspannigheid. Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in, waarbij een griffiemedewerker namens de advocaat een schriftelijke volmacht had ontvangen om het hoger beroep in te stellen.
Het hof verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk omdat de volmacht niet voldeed aan de vereisten zoals vastgesteld in eerdere arresten van de Hoge Raad, met name ontbraken de verklaring van instemming van de verdachte met ontvangst van de oproeping en het opgegeven adres voor toezending.
De Hoge Raad herhaalt de criteria voor een geldige volmacht en overweegt dat in gevallen waarin de verdachte zelf ter terechtzitting verschijnt, het ontbreken van deze vereisten niet tot niet-ontvankelijkheid mag leiden omdat het doel van de regels niet wordt geschaad.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof en verwijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor een nieuwe beoordeling en afdoening van het hoger beroep.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling wegens onvolledige volmacht.