ECLI:NL:HR:2013:BZ3628

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 maart 2013
Publicatiedatum
8 april 2013
Zaaknummer
12/00314
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping van het cassatieberoep in strafzaak tegen verdachte

Op 12 maart 2013 heeft de Hoge Raad der Nederlanden het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 27 december 2011. Het beroep was ingesteld door verdachte, bijgestaan door mr. H.M.W. Daamen, advocaat te Maastricht. De Advocaat-Generaal Hofstee had geconcludeerd tot verwerping van het beroep, waarop de raadsman schriftelijk heeft gereageerd.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering noodzakelijk was, omdat de middelen niet leidden tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het arrest werd gewezen door raadsheer J. de Hullu als voorzitter, en raadsheren J. Wortel en N. Jörg.

Deze uitspraak bevestigt het arrest van het gerechtshof en betekent dat de strafrechtelijke beslissing in stand blijft zonder wijziging door de Hoge Raad.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.

Uitspraak

12 maart 2013
Strafkamer
nr. S 12/00314
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 27 december 2011, nummer 20/000737-11, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1942.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. H.M.W. Daamen, advocaat te Maastricht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en N. Jörg, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 12 maart 2013.