ECLI:NL:HR:2013:BZ3631
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens persoonsverwisseling van veroordeling diefstal met geweld
De Hoge Raad behandelde op 12 maart 2013 een aanvraag tot herziening van een vonnis van de Politierechter te Amsterdam van 30 oktober 2009. De aanvrager was veroordeeld voor diefstal gevolgd door geweld met het oogmerk om bij heterdaad betrapt te worden te kunnen vluchten of het bezit van het gestolene te verzekeren. De straf bestond uit vier maanden gevangenisstraf, waarvan één maand voorwaardelijk.
De aanvraag tot herziening was gebaseerd op het feit dat sprake was van een persoonsverwisseling, een gegeven dat bij de oorspronkelijke terechtzitting niet bekend was en dat ernstige twijfel wekte over de juistheid van de veroordeling. De Advocaat-Generaal concludeerde dat de aanvraag gegrond moest worden verklaard en dat de tenuitvoerlegging van het vonnis geschorst moest worden.
De Hoge Raad oordeelde dat het gegeven van persoonsverwisseling voldoet aan de voorwaarden van artikel 457, eerste lid, aanhef en onder c, van het Wetboek van Strafvordering, omdat het ernstige vermoedens wekt dat bij bekendheid met dit gegeven het onderzoek tot vrijspraak, ontslag van rechtsvervolging, niet-ontvankelijkverklaring of toepassing van een lichtere straf zou hebben geleid.
Daarom verklaarde de Hoge Raad de aanvraag tot herziening gegrond, beval de opschorting van de tenuitvoerlegging van het vonnis en verwees de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor een nieuwe berechting en afdoening conform artikel 472, tweede lid, Sv.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond wegens persoonsverwisseling en verwijst de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor nieuwe berechting.