ECLI:NL:HR:2013:BZ4112
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- G. de Groot
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt onrechtmatigheid precariobelasting op lege mantelbuizen
In deze zaak heeft de gemeente Rijswijk voor het jaar 2003 een aanslag precariobelasting opgelegd aan belanghebbende, een aanbieder van telecommunicatiediensten. Belanghebbende stelde beroep in tegen deze aanslag op grond van artikel 7:1a Awb. De Rechtbank te 's-Gravenhage verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de aanslag. De gemeente ging in hoger beroep bij het Hof, dat het vonnis van de Rechtbank bevestigde.
Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Rijswijk stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep ongegrond te verklaren. De Hoge Raad volgde dit advies en oordeelde dat de gemeente geen precariobelasting kan heffen op lege mantelbuizen van een aanbieder aan wie een instemmingsbesluit is verleend volgens de Telecommunicatiewet zoals die gold tot 19 mei 2004.
De Hoge Raad veroordeelde het College in de proceskosten en bevestigde daarmee de eerdere uitspraken van lagere instanties. Dit arrest verduidelijkt de reikwijdte van de precariobelasting in relatie tot telecommunicatie-infrastructuur en beschermt aanbieders tegen onrechtmatige heffing op lege mantelbuizen.
Uitkomst: Het beroep van de gemeente Rijswijk tegen de vernietiging van de precariobelastingaanslag wordt door de Hoge Raad ongegrond verklaard.