ECLI:NL:HR:2013:BZ5837
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad behandelt cassatie tegen uitspraak over inkomstenbelasting, boete en heffingsrente
De zaak betreft een cassatieberoep van een belastingplichtige tegen een uitspraak van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 6 april 2012. Het geschil gaat over een aanslag in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen, alsmede de daarbij opgelegde boetebeschikking en de beschikking inzake heffingsrente.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie afgedaan met toepassing van artikel 81, lid 1 van de Wet op de Raad van State, wat inhoudt dat het beroep niet-ontvankelijk is verklaard of niet-ontvankelijk is bevonden zonder inhoudelijke behandeling. Hiermee is de uitspraak van het gerechtshof in stand gebleven.
De uitspraak bevestigt de rechtsgeldigheid van de aanslag en de boete, evenals de heffingsrente, zonder dat de Hoge Raad inhoudelijk op de gronden van het geschil is ingegaan. Dit betekent dat de belastingplichtige geen verdere rechtsmiddelen meer heeft binnen de nationale rechtsgang.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard, waardoor de uitspraak van het gerechtshof in stand blijft.