ECLI:NL:HR:2013:BZ6610
Hoge Raad
- Herziening
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- V. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag tot herziening wegens onvoldoende nieuw bewijs in medeplegen moordzaak
De Hoge Raad behandelde op 9 april 2013 een aanvraag tot herziening van een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage uit 2003, waarin de aanvrager was veroordeeld voor medeplegen van meervoudige moord en geweldpleging bij diefstal, met een levenslange gevangenisstraf als gevolg.
De aanvraag tot herziening betrof nieuw verklaarde feiten en verklaringen van mededaders die in 2009 en 2011 waren afgelegd, waarin werd gesteld dat de aanvrager geen wetenschap had van het voornemen om de slachtoffers te doden. Tevens werd een onderzoek naar telefoonverkeer overlegd.
De Hoge Raad oordeelde dat deze nieuwe verklaringen onvoldoende aannemelijk maken dat de aanvrager geen kennis had van het moordvoorstel, mede gelet op het oorspronkelijke bewijsmateriaal, waaronder belastende verklaringen van mededaders en het feit dat de aanvrager het wapen naar de overvalplaats had gebracht.
Ook het feit dat een mededader zou terugkomen op eerdere verklaringen werd niet voldoende onderbouwd. De Hoge Raad concludeerde dat het nieuwe bewijsmateriaal geen ernstig vermoeden wekt dat het onderzoek tot vrijspraak, ontslag van rechtsvervolging of een lichtere straf zou hebben geleid.
Daarom werd de aanvraag tot herziening afgewezen, waarmee de levenslange gevangenisstraf en eerdere veroordeling onverminderd in stand bleven.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst de aanvraag tot herziening af en bevestigt de levenslange gevangenisstraf voor medeplegen van moord.