ECLI:NL:HR:2013:BZ6803
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over navorderingsaanslagen en boeten in belastingzaak
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen opgelegd over meerdere jaren in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en vermogensbelasting, inclusief verhogingen en boeten. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen, waarna belanghebbende beroep instelde bij het Hof. Het Hof vernietigde deels de verhogingen en boeten, maar verklaarde het beroep voor het overige ongegrond.
Belanghebbende stelde cassatie in tegen het arrest van het Hof, terwijl de Staatssecretaris van Financiën incidenteel cassatieberoep instelde. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte geen rekening had gehouden met bankafschriften die door belanghebbende waren overgelegd, waardoor het oordeel over de hoogte van de navorderingsaanslagen onbegrijpelijk was.
Verder oordeelde de Hoge Raad dat het Hof onterecht het verzoek om heropening van het onderzoek om immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn had afgewezen. De zaak werd vernietigd en verwezen naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling, met inachtneming van de richtlijnen uit eerdere arresten. De Staatssecretaris werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het arrest van het Hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling.