ECLI:NL:HR:2013:BZ6816
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vernietiging navorderingsaanslagen en weigert cassatie Staatssecretaris
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen opgelegd voor de jaren 1991 en 1992, inclusief een verhoging van honderd procent en heffingsrente. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen en beschikkingen. Belanghebbende stelde beroep in bij het hof, dat de navorderingsaanslagen, de verhogingen en de heffingsrente vernietigde. De Staatssecretaris van Financiën stelde hiertegen cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat het cassatiemiddel niet tot vernietiging kan leiden en verwees naar artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, waarbij geen nadere motivering nodig is omdat het middel geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevat. De Hoge Raad bevestigde daarmee het oordeel van het hof.
Daarnaast veroordeelde de Hoge Raad de Staatssecretaris in de kosten van het cassatiegeding, vastgesteld op €944 voor beroepsmatige rechtsbijstand, en legde een griffierecht van €466 op. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en raadsheren op 12 april 2013.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris van Financiën wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslagen worden vernietigd.