ECLI:NL:HR:2013:BZ7173
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep door Hoge Raad in strafzaak
In deze strafzaak heeft de verdachte beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam. De raadsman van de verdachte heeft middelen van cassatie voorgesteld, waarop de Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad heeft de middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden.
Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering, is geen nadere motivering gegeven omdat de middelen niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De Hoge Raad heeft het beroep derhalve verworpen.
Het arrest is gewezen door de vice-president van Schendel als voorzitter en de raadsheren Buruma en Wortel, en uitgesproken op 16 april 2013. De uitspraak bevestigt het oordeel van het hof zonder inhoudelijke bespreking van de middelen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen door de Hoge Raad.