ECLI:NL:HR:2013:BZ7174
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt samenloop poging moord en bedreiging bij schietincident
Op 5 maart 2011 vuurde de verdachte in Rotterdam meerdere kogels af op [slachtoffer 1] terwijl deze zich in het schootsveld van de verdachte bevond. Het hof verklaarde bewezen dat de verdachte poging tot moord pleegde en daarnaast bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht. De verdachte had het vuurwapen dreigend getoond en meerdere kogels van korte afstand afgevuurd.
De verdachte had eerder die avond een conflict in een café en voelde zich vernederd. Na het verlaten van het café wachtte hij in zijn auto tot [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] het café verlieten. Vervolgens schoot hij meerdere keren op de auto van [slachtoffer 1], waarbij ook [slachtoffer 1] gewond raakte. Forensisch onderzoek bevestigde de kogelinslagen en verwondingen.
De Hoge Raad beantwoordt de vraag of dezelfde gedraging kan leiden tot zowel poging tot moord als bedreiging met een levensdelict bevestigend, afhankelijk van het opzet van de verdachte. Het hof had vastgesteld dat de verdachte voorwaardelijk opzet had op de dood van [slachtoffer 1] en tevens op het ontstaan van redelijke vrees bij het slachtoffer. De bewezenverklaringen zijn daarom niet tegenstrijdig.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het arrest van het hof. Daarmee blijft de veroordeling van de verdachte voor poging tot moord en bedreiging in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling voor poging tot moord en bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht.