Uitspraak
wonende te [woonplaats],
zetelende te Leeuwarden,
1.Het geding in feitelijke instantie
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van de middelen
4.Beslissing
12 juli 2013.
Hoge Raad
In deze zaak heeft eiser cassatie ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Leeuwarden van 7 september 2011, waarin bezwaren tegen de lijst der geldelijke regelingen in het kader van een ruilverkaveling waren behandeld. De Landinrichtingscommissie, verweerder in cassatie, heeft het beroep bestreden en geconcludeerd tot verwerping.
De Hoge Raad heeft de middelen van het cassatieberoep beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering was nadere motivering niet vereist omdat de klachten niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling noodzaken.
De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en eiser veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. Het arrest is gewezen door raadsheren van Buchem-Spapens, Heisterkamp en de Groot en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Loth op 12 juli 2013.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en hij wordt veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.