ECLI:NL:HR:2013:CA2818
Hoge Raad
- Cassatie
- M.W.C. Feteris
- C. Schaap
- P.M.F. van Loon
- R.J. Koopman
- Th. Groeneveld
- Rechtspraak.nl
Geen discriminatie bij terugwerkende tariefsverlaging overdrachtsbelasting woningen
Belanghebbende betaalde overdrachtsbelasting bij de verkrijging van een onroerende zaak en maakte bezwaar tegen het bedrag, waarna de Inspecteur het verzoek tot teruggaaf afwees. Zowel de Rechtbank Breda als het Gerechtshof bevestigden deze afwijzing. Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De kern van het geschil betrof de terugwerkende kracht van de tariefsverlaging van de overdrachtsbelasting voor woningen, vastgesteld bij het Belastingplan 2012, met ingang van 15 juni 2011. Belanghebbende stelde dat deze terugwerkende kracht discriminerend was en dat het Hof ten onrechte niet had getoetst aan het gelijkheidsbeginsel als ongeschreven rechtsbeginsel.
De Hoge Raad oordeelde dat de terugwerkende kracht geen verdragsrechtelijke discriminatie oplevert en bevestigde dat de rechter niet bevoegd is om wetgeving in formele zin te toetsen aan algemene rechtsbeginselen. Het beroep in cassatie werd daarom ongegrond verklaard. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond en bevestigt dat de terugwerkende kracht van de tariefsverlaging in de overdrachtsbelasting geen discriminatie vormt.