ECLI:NL:HR:2014:1100

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 mei 2014
Publicatiedatum
13 mei 2014
Zaaknummer
13/00705
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep in cassatie tegen arrest Gerechtshof 's-Gravenhage

Op 13 mei 2014 heeft de Hoge Raad der Nederlanden het beroep in cassatie van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 6 augustus 2012. Het cassatieberoep was ingesteld door de verdediging, vertegenwoordigd door advocaten mr. C.F. Korvinus en mr. P.J. Zandt. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie niet tot cassatie konden leiden en dat er geen noodzaak was tot nadere motivering, aangezien de middelen geen rechtsvragen opriepen die relevant zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De uitspraak werd gedaan door raadsheer J. de Hullu als voorzitter, met raadsheren Y. Buruma en N. Jörg.

Het arrest bevestigt het eerdere oordeel van het Gerechtshof en betekent dat het vonnis in stand blijft. De zaak betreft een strafrechtelijke procedure, maar de Hoge Raad heeft geen inhoudelijke beoordeling van de feiten of het bewijs gegeven, omdat het cassatieberoep niet ontvankelijk was voor inhoudelijke behandeling.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen, arrest Gerechtshof blijft in stand.

Uitspraak

13 mei 2014
Strafkamer
nr. 13/00705
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 6 augustus 2012, nummer 22/004225-10, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben mr. C.F. Korvinus en mr. P.J. Zandt, beiden advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadslieden hebben daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en N. Jörg, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
13 mei 2014.