Uitspraak
gevestigd te Amsterdam,
gevestigd te Rotterdam,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
In verband daarmee hebben IHDA en ABN AMRO op 16 september 2009 een akte getekend, getiteld “Verpanding bepaalde vordering(en)”. De akte is op 19 september 2009 geregistreerd. Bij de akte heeft IHDA onder meer de volgende vordering aan ABN AMRO verpand:
De vordering waarop UBO beslag heeft gelegd, bestond daarom op het tijdstip van de vestiging van het pandrecht nog niet en zij is evenmin rechtstreeks verkregen uit een toen reeds bestaande rechtsverhouding. Het pandrecht rust dan ook niet op die vordering.”
4.Beslissing
23 mei 2014.