Uitspraak
wonende te [woonplaats],
gevestigd te Apeldoorn,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
19 december 2014.
Hoge Raad
De zaak betreft een geschil over de hoogte van de schadevergoeding wegens verlies van arbeidsvermogen na een verkeersongeval in 1997 waarbij eiser betrokken was. Achmea erkende aansprakelijkheid en betaalde voorschotten. Partijen stelden gezamenlijk een deskundige aan die een rapport uitbracht, maar dit was geen bindend advies. Eiser stelde hogere schade vast via een eigen rapport.
De rechtbank kende een lagere schadevergoeding toe dan eiser vorderde, het hof stelde een hoger bedrag vast en nam het gezamenlijke deskundigenrapport als uitgangspunt, waarbij bezwaren van eiser tegen het rapport werden onderzocht door benoemde deskundigen. Het hof volgde de benadering van de gezamenlijke deskundige als redelijk.
Eiser stelde in cassatie dat het hof zich niet had mogen baseren op het gezamenlijke rapport zonder een integraal eigen oordeel te vormen. De Hoge Raad oordeelde dat de rechter vrij is in de bewijswaardering en het rapport ook kan gebruiken ondanks bezwaren, en dat het hof zijn beoordelingsvrijheid niet had overschreden. Het cassatieberoep werd verworpen en eiser werd veroordeeld in de kosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep is verworpen en eiser is veroordeeld in de proceskosten.