Uitspraak
wonende te [woonplaats],
zetelende te Amsterdam,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
4.Beslissing
28 februari 2014.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van een man tegen de gemeente Amsterdam over een beschikking inzake bijstandsverhaal. De procedure doorliep de rechtbank Amsterdam en het gerechtshof Amsterdam, waarna de Hoge Raad zich over het beroep in cassatie boog.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere uitspraken van lagere instanties en beoordeelt de aangevoerde klachten in het cassatieberoep. Gezien artikel 81 lid 1 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering oordeelt de Hoge Raad dat de klachten niet leiden tot cassatie, omdat zij geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
De Hoge Raad verwerpt het beroep en bepaalt dat iedere partij haar eigen kosten draagt. De uitspraak bevestigt de geldigheid van het procesbesluit en de mandaatverlening in het kader van het bijstandsverhaal, waarbij tevens de klacht over overschrijding van een redelijke termijn wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de kosten worden ieder voor eigen rekening gedragen.