Uitspraak
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof ’s-Hertogenboschvan 23 mei 2013, nr. 12/00313, betreffende een aan belanghebbende opgelegde aanslag rioolrecht van de gemeente Roerdalen.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
Belanghebbende kreeg voor 2008 een aanslag rioolrecht opgelegd door de gemeente Roerdalen wegens het gebruik van een gehuurde standplaats op een camping. De aanslag werd gehandhaafd na bezwaar en bevestiging door de Rechtbank en het Gerechtshof. In cassatie betoogde belanghebbende dat de aanslag onrechtmatig was vanwege een in rechte te beschermen vertrouwen dat hem geen aanslag zou worden opgelegd.
De Hoge Raad oordeelde dat de aanslag voor 2008 niet terecht was omdat het vertrouwen pas werd beëindigd bij ontvangst van een informatiebrief in november 2009. Aangezien de aanslag voor 2008 werd opgelegd in maart 2010, kon het beroep op het vertrouwensbeginsel niet worden afgewezen. De Hoge Raad vernietigde daarom de uitspraak van het Hof, de Rechtbank en de heffingsambtenaar en de aanslag zelf.
Daarnaast werd het college van burgemeester en wethouders veroordeeld in de proceskosten van cassatie en de heffingsambtenaar in de kosten van eerdere procedures en bezwaar. Het arrest bevestigt het belang van het vertrouwensbeginsel bij belastingheffing en benadrukt dat heffing niet mag plaatsvinden zolang het gewekte vertrouwen niet is beëindigd.
Uitkomst: De aanslag rioolrecht voor 2008 wordt vernietigd omdat het gewekte vertrouwen nog niet was beëindigd.