Uitspraak
[X] B.V.te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Den Haagvan 29 mei 2013, nrs. BK-12/00324 en 12/00325, betreffende naheffingsaanslagen in de verpakkingenbelasting.
Hoge Raad
Belanghebbende, een besloten vennootschap, kreeg voor de jaren 2008 en 2009 naheffingsaanslagen in de verpakkingenbelasting opgelegd. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en vernietigde de aanslagen. De Inspecteur ging in hoger beroep, waarna het gerechtshof de uitspraak van de rechtbank vernietigde en het beroep ongegrond verklaarde.
Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad beoordeelde de middelen en verwierp deze op grond van een gelijktijdig gewezen arrest in een vergelijkbare zaak tussen dezelfde partijen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Het arrest van de Hoge Raad bevestigt daarmee het oordeel van het gerechtshof en sluit het geschil over de naheffingsaanslagen in de verpakkingenbelasting definitief af.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het oordeel van het gerechtshof bevestigd.