Uitspraak
gevestigd te Rotterdam,
gevestigd te Heerenveen,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
12 juni 2015.
Hoge Raad
In deze zaak stond de uitleg van een overeenkomst betreffende het transport van elektriciteit centraal. Stedin Netbeheer B.V. had beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof Den Haag, dat eerder uitspraak had gedaan over een vermeende tekortkoming in de nakoming van deze overeenkomst door Windpark WO-ZU-XIX-WIND B.V.
De Hoge Raad verwijst naar het vonnis van de rechtbank Rotterdam en het arrest van het hof Den Haag voor het geding in feitelijke instanties. Het cassatieberoep van Stedin werd door de Hoge Raad verworpen, waarbij werd opgemerkt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en geen nadere motivering behoefden volgens artikel 81 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De Hoge Raad veroordeelde Stedin tot betaling van de kosten van het cassatiegeding, terwijl Windpark niet verscheen in cassatie. Hiermee werd het arrest van het hof bevestigd en bleef de uitleg van de transportovereenkomst zoals door het hof vastgesteld ongewijzigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Stedin wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.