Uitspraak
1.Geding in cassatie
3.Beoordeling van het tweede middel
4.Beoordeling van het derde middel
Ik licht dat toe.
(...)
5.Beoordeling van de overige middelen
6.Beslissing
3 februari 2015.
Hoge Raad
Op 12 november 2009 werd een pizzakoerier in Delft bedreigd en beroofd van geld, pizza's en sigaretten. Verdachte en anderen hadden een vals adres opgegeven om de koerier te lokken en hem vervolgens met bedekt gelaat en agressieve woorden gedwongen tot afgifte van geld en goederen.
Het Hof Den Haag heeft verdachte schuldig bevonden op basis van verklaringen van het slachtoffer, medeverdachten en politieprocessen-verbaal. De verdediging voerde onder meer aan dat de bewijsvoering innerlijk tegenstrijdig was en dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het bepaalde verklaringen als betrouwbaar had aangenomen.
De Hoge Raad oordeelt dat de bewezenverklaring voldoende gemotiveerd is en dat de gestelde tegenstrijdigheden de overtuiging van schuld niet ondermijnen. Ook is geen motiveringsplicht voor de rechter om uit te leggen op welke gronden hij tot zijn overtuiging is gekomen, anders dan vereist in art. 338 Sv Pro.
Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het Hof blijft in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling wegens bedreiging en beroving blijft in stand.