ECLI:NL:HR:2015:2180

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 augustus 2015
Publicatiedatum
13 augustus 2015
Zaaknummer
14/06517
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht

In deze zaak was een beroep in cassatie ingesteld tegen uitspraken van de Rechtbank Den Haag met betrekking tot naheffingsaanslagen loonbelasting/premie volksverzekeringen over de jaren 2007 tot en met 2012.

De griffier van de Hoge Raad heeft de indiener van het beroepschrift bij aangetekende brieven op 1 april 2015 en 1 mei 2015 gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en een termijn gesteld voor betaling en het geven van een reactie bij niet-betaling.

De indiener heeft het griffierecht niet voldaan en heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om een verklaring te geven voor het niet tijdig betalen. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb is het beroep in cassatie daarom niet-ontvankelijk verklaard.

De Hoge Raad heeft geen proceskosten aan de zijde van partijen opgelegd. Het arrest is op 14 augustus 2015 in het openbaar gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.

Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.

Uitspraak

14 augustus 2015
Nr. 14/06517
Arrest
gewezen op het door
[X]te
[Z]ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van de
Rechtbank Den Haagvan 19 november 2014, nrs. SGR 14/3252, SGR 14/3255, SGR 14/3256, SGR 14/3258, SGR 14/3259 en SGR 14/3403, op het verzet van [A] B.V. te [Q] tegen een uitspraak van de Rechtbank betreffende aan belanghebbende over de jaren 2007 tot en met 2012 opgelegde naheffingsaanslagen in de loonbelasting/premie volksverzekeringen.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De griffier van de Hoge Raad heeft de indiener van het beroepschrift in cassatie bij aangetekende brief van 1 april 2015, die volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL is afgeleverd op het door de indiener opgegeven adres, gewezen op de verschuldigdheid van griffierecht en voor de betaling een termijn van vier weken gesteld. Het griffierecht is niet voldaan.
De griffier van de Hoge Raad heeft de indiener van het beroepschrift in cassatie bij aangetekende brief van 1 mei 2015, die volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL is afgeleverd op het door de indiener opgegeven adres, in de gelegenheid gesteld mee te delen waarom het griffierecht niet tijdig is betaald. De indiener van het beroepschrift in cassatie heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.
Het beroep in cassatie moet op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb derhalve niet-ontvankelijk worden verklaard.

2.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 14 augustus 2015.