ECLI:NL:HR:2015:2183

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 augustus 2015
Publicatiedatum
13 augustus 2015
Zaaknummer
15/00515
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht

Belanghebbende, een B.V., had beroep ingesteld tegen uitspraken van lagere bestuursrechters inzake belastingaanslagen op personenauto's en motorrijwielen. Na behandeling door Rechtbank Noord-Nederland en het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden werd het beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad.

De griffier van de Hoge Raad heeft de indiener van het cassatieberoep meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht en een termijn gesteld voor betaling. Deze betaling bleef echter uit, en de indiener maakte geen gebruik van de gelegenheid om dit te verklaren.

Op grond van artikel 8:41, lid 6, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) werd het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad oordeelde dat er geen gronden waren voor een veroordeling in proceskosten en sprak het arrest uit op 14 augustus 2015.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.

Uitspraak

14 augustus 2015
Nr. 15/00515
Arrest
gewezen op het door
[A]te
[Q]ingediende beroep in cassatie tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Arnhem-Leeuwardenvan 30 december 2014, nrs. 13/00613 en 13/00614, op het hoger beroep van [X] B.V. te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland van 4 juni 2013 (nrs. AWB LEE 12/1745 en AWB LEE 12/1723), betreffende twee door belanghebbende op 22 juni 2010 en 24 juni 2010 op aangifte voldane bedragen aan belasting van personenauto's en motorrijwielen.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De griffier van de Hoge Raad heeft de indiener van het beroepschrift in cassatie (hierna: de indiener) bij aangetekende brief van 13 maart 2015, die volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL is afgeleverd op het door de indiener opgegeven adres, gewezen op de verschuldigdheid van griffierecht en voor de betaling een termijn van vier weken gesteld. Het griffierecht is niet voldaan.
De griffier van de Hoge Raad heeft de indiener bij aangetekende brief van 20 april 2015, die volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL is afgeleverd op het door de indiener opgegeven adres, in de gelegenheid gesteld mee te delen waarom het griffierecht niet tijdig is betaald. De indiener heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.
Het beroep in cassatie moet op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb derhalve niet-ontvankelijk worden verklaard.

2.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 14 augustus 2015.