Uitspraak
1.De uitspraak waarvan herziening is gevraagd
2.De aanvraag tot herziening
3.De conclusie van de Advocaat-Generaal
4.Beoordeling van de aanvraag
5.Slotsom
6.Beslissing
1 december 2015.
Hoge Raad
De aanvrager werd door de Politierechter veroordeeld voor het opzettelijk niet voldoen aan een ambtelijk bevel. Na de veroordeling werd een aanvraag tot herziening ingediend op grond van persoonsverwisseling: het feit zou door zijn neef zijn gepleegd, die gebruik maakte van zijn persoonsgegevens.
De Advocaat-Generaal concludeerde dat de aanvraag gegrond verklaard moest worden en dat de tenuitvoerlegging van het vonnis geschorst moest worden. De Hoge Raad oordeelde dat er sprake was van een nieuw gegeven dat bij de oorspronkelijke berechting niet bekend was en dat, indien dit bekend was geweest, tot vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging had kunnen leiden.
Daarom verklaarde de Hoge Raad de aanvraag tot herziening gegrond, beval de opschorting van de tenuitvoerlegging van het vonnis en verwees de zaak naar het Gerechtshof Den Haag voor een nieuwe berechting en beslissing conform artikel 472, tweede lid, Sv.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor hernieuwde berechting.