In deze zaak staat de ingangsdatum van de partneralimentatie centraal. De vrouw vordert partneralimentatie vanaf een datum vóór de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking, terwijl de man dit betwist en stelt dat de alimentatie pas mag ingaan vanaf de inschrijvingsdatum.
De rechtbank had de alimentatie vastgesteld vanaf de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking, maar het hof bepaalde een eerdere ingangsdatum, namelijk de datum waarop het hof de echtscheiding bekrachtigde. De man stelde dat dit niet is toegestaan volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad.
De Hoge Raad bevestigt dat de alimentatieverplichting niet mag ingaan vóór de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat het hof buiten de rechtsstrijd is getreden door de ingangsdatum en de termijn van vijf jaar niet conform het verzoek van de man vast te stellen.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden en verwijst de zaak naar het hof ’s-Hertogenbosch voor verdere behandeling en beslissing.
De uitspraak benadrukt het belang van de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking als startpunt van de alimentatieplicht en bevestigt de vaste jurisprudentie hierover.