Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
15 december 2015.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch waarin hij werd bewezenverklaard van hennepteelt en energiediefstal in de periode van 1 januari 2008 tot en met 16 augustus 2010.
Verdachte had tijdens het politieverhoor pijn aan beide handen door tweedegraads brandwonden opgelopen bij een brand in zijn hennepkwekerij. De verdediging stelde dat deze pijn en het gebruik van pijnstillers de bekentenis onvrijwillig maakten en dus niet als bewijs mochten dienen.
Het hof oordeelde echter dat ondanks de pijn en het feit dat verdachte het liefst naar huis wilde, het bewustzijn niet was verminderd en de verklaring in vrijheid was afgelegd. Dit oordeel werd door de Hoge Raad niet onbegrijpelijk geacht en voldoende gemotiveerd bevonden, waarna het cassatieberoep werd verworpen.
De uitspraak bevestigt dat fysieke pijn en medicatie niet automatisch leiden tot een onvrijwillige bekentenis, mits het bewustzijn niet verminderd is en geen dwang is aangetoond.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de bekentenis is in vrijheid afgelegd en blijft als bewijs gebruikt.