ECLI:NL:HR:2015:3716

Hoge Raad

Datum uitspraak
22 december 2015
Publicatiedatum
23 december 2015
Zaaknummer
15/00695
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen arrest Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

De verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, Economische Kamer, van 5 november 2014. Namens verdachte heeft mr. B.P. de Boer een middel van cassatie voorgesteld. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad heeft het middel beoordeeld en geoordeeld dat het middel niet tot cassatie kan leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie, is geen nadere motivering vereist omdat het middel geen rechtsvragen oproept die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarop heeft de Hoge Raad het beroep verworpen. Het arrest is uitgesproken op 22 december 2015 door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen door de Hoge Raad.

Uitspraak

22 december 2015
Strafkamer
nr. S 15/00695 E
SR
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, Economische Kamer, van 5 november 2014, nummer 21/005272-13, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1963.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. B.P. de Boer, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
22 december 2015.