Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2016:2598

Hoge Raad

Datum uitspraak
15 november 2016
Publicatiedatum
16 november 2016
Zaaknummer
16/01107
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14 Uitleveringsbesluit Aruba, Curaçao en Sint MaartenArt. 15 Uitleveringsbesluit Aruba, Curaçao en Sint MaartenArt. 28 lid 3 UitleveringswetArt. 6 EVRMArt. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt uitlevering aan VS ondanks gelijktijdige verzoeken Curaçao en Sint Maarten

De zaak betreft een cassatieberoep van een opgeëiste persoon tegen een einduitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie over een uitleveringsverzoek van de Verenigde Staten van Amerika. Het hof had een advies uitgebracht gericht aan zowel de gouverneur van Curaçao als die van Sint Maarten, wat ter discussie stond.

De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht beide verzoeken in behandeling heeft genomen en dat het advies aan beide gouverneurs gericht mag zijn, afhankelijk van waar de opgeëiste persoon wordt aangetroffen. Wel is vastgesteld dat het hof heeft nagelaten de feiten waarvoor uitlevering wordt gevraagd voldoende te omschrijven.

De Hoge Raad herstelt dit verzuim ambtshalve door de uitlevering toelaatbaar te verklaren voor de feiten zoals omschreven in de door de Verenigde Staten overgelegde stukken. Het beroep wordt voor het overige verworpen, waarmee de uitlevering in stand blijft.

De uitspraak bevestigt de mogelijkheid van gelijktijdige uitleveringsverzoeken binnen het Koninkrijk en benadrukt het belang van een duidelijke feitelijke omschrijving in uitleveringszaken.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de uitspraak deels wegens onvolledige feitomschrijving maar verklaart de uitlevering toelaatbaar en verwerpt het beroep verder.

Uitspraak

15 november 2016
Strafkamer
nr. S 16/01107 UA
EC/SG
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een einduitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, van 3 september 2015, nummer HAR 121/13; HAR 121/14, op een verzoek van de Verenigde Staten van Amerika tot uitlevering van:
[de opgeëiste persoon 3], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1968.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon. Namens deze heeft C. Reijntjes-Wendenburg, advocaat te Maastricht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak maar uitsluitend wat betreft het advies aan de Gouverneur van Curaçao tot uitlevering van de opgeëiste persoon aan de Verenigde Staten van Amerika over te gaan en tot niet-ontvankelijkverklaring van de vordering van de procureur-generaal van Curaçao tot advies over de toelaatbaarheid van de uitlevering van de opgeëiste persoon aan de Verenigde Staten van Amerika.

2.Beoordeling van het vierde middel

2.1.
Het middel klaagt dat art. 6 EVRM Pro en art. 14 en Pro 15 van het Uitleveringsbesluit van Aruba, Curaçao en Sint Maarten zijn geschonden, doordat het Hof zijn advies heeft gericht aan zowel de Gouverneur van Curaçao als de Gouverneur van Sint Maarten.
2.2.
Blijkens de toelichting steunt het middel op de opvatting dat, nu het aan Curaçao gerichte verzoek om uitlevering van de opgeëiste persoon reeds in behandeling was genomen, het Hof hetzelfde vervolgens aan Sint Maarten gedane verzoek om uitlevering niet in behandeling had mogen nemen en zijn advies enkel had dienen te richten aan de Gouverneur van Curaçao. Die opvatting is onjuist, zodat het middel faalt.

3.Beoordeling van de overige middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak
4.1.
De bestreden uitspraak vermeldt dat het daarin vervatte advies van het Hof is gericht "aan de Gouverneurs van Curaçao en Sint Maarten". De Hoge Raad verstaat de bestreden uitspraak aldus dat het advies is gericht aan de Gouverneur van Curaçao voor het geval dat de opgeëiste persoon in dat land wordt aangetroffen en dat het is gericht aan de Gouverneur van Sint Maarten voor het geval dat de opgeëiste persoon in dat land wordt aangetroffen.
4.2.
Het Hof heeft de uitlevering van de opgeëiste persoon aan de Verenigde Staten van Amerika toelaatbaar verklaard ter strafvervolging "ter zake van voornoemde feiten".
De bestreden uitspraak behelst evenwel niet een omschrijving van "voornoemde" feiten waarvoor de uitlevering kan worden toegestaan. De Hoge Raad zal dit verzuim herstellen door de uitlevering toelaatbaar te verklaren voor de feiten die zijn omschreven in na te noemen door de verzoekende Staat bij het uitleveringsverzoek overgelegde stukken.

5.Slotsom

Nu geen van de middelen tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad geen andere dan de hiervoor onder 4 genoemde grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.

6.Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak maar uitsluitend voor zover het Hof heeft verzuimd de feiten waarvoor de uitlevering kan worden toegestaan, genoegzaam te vermelden;
verklaart de uitlevering toelaatbaar voor de feiten zoals omschreven in de (supplemental) Affidavit in support of request for extradition, van R. Capone, Assistent United States Attorney of the Southern District of New York, van 21 oktober 2013, 27 november 2013 en 18 juni 2014.
verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend, en M.J. Borgers, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
15 november 2016.