Uitspraak
wonende te [woonplaats],
wonende te [woonplaats],
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van de ontvankelijkheid
4.Beslissing
16 december 2016.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak heeft eiseres beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam. De Hoge Raad verwijst naar eerdere uitspraken van de kantonrechter en het gerechtshof die aan het arrest zijn gehecht.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekte tot niet-ontvankelijkverklaring van eiseres in haar cassatieberoep. De dagvaarding voldeed niet aan de vereisten van artikel 407 lid 3 Rv Pro, omdat daarin geen advocaat bij de Hoge Raad was aangewezen.
Eiseres kreeg de gelegenheid dit verzuim te herstellen door uiterlijk 23 september 2016 alsnog een advocaat bij de Hoge Raad te stellen, maar heeft hiervan geen gebruik gemaakt. Daarom verklaarde de Hoge Raad eiseres niet-ontvankelijk in haar beroep.
Uitkomst: Eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar cassatieberoep wegens ontbreken van advocaat in de dagvaarding.