ECLI:NL:HR:2017:1170

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 juni 2017
Publicatiedatum
28 juni 2017
Zaaknummer
15/05598
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 9 lid 5 Wegenverkeerswet 1994
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake strafmotivering eerdere veroordelingen rijgedrag

De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag over het besturen van een motorrijtuig met een ongeldig verklaard rijbewijs. Het hof had bij de strafmotivering rekening gehouden met eerdere veroordelingen van verdachte, waaronder voor rijden onder invloed en het besturen van een motorrijtuig met een geschorst rijbewijs.

De Hoge Raad oordeelt dat bepalend is dat verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor strafbare feiten, ongeacht de precieze aard van die feiten. Daarbij wijst de Hoge Raad op een kennelijke misslag in de motivering van het hof, waarbij woorden over een eerdere overtreding van artikel 9, lid 5 van de Wegenverkeerswet 1994 onterecht zijn opgenomen.

Het cassatieberoep wordt verworpen omdat het middel geen rechtsvragen oproept die beantwoording behoeven in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De Hoge Raad bevestigt hiermee de strafmotivering van het hof en de toepassing van art. 81, eerste lid, RO.

De uitspraak is gedaan door de Strafkamer van de Hoge Raad op 20 juni 2017, waarbij de vice-president als voorzitter en twee raadsheren het arrest hebben gewezen.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de strafmotivering van het hof.

Uitspraak

20 juni 2017
Strafkamer
nr. S 15/05598
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 13 november 2015, nummer 22/001645-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
20 juni 2017.