Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
3 Beslissing
7 februari 2017.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch inzake poging tot doodslag. Verdachte had meerdere keren vanuit een langzaam rijdende auto geschoten in de richting van een woning waar vier personen in de buurt stonden.
Het cassatieberoep is ingesteld door verdachte, vertegenwoordigd door advocaat A.H. Westendorp. De Hoge Raad heeft het beroep inhoudelijk beoordeeld op ontvankelijkheid en geconstateerd dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen. Dit omdat verdachte klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het beroep of omdat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden.
Op basis van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en na advies van de Procureur-Generaal heeft de Hoge Raad het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Het arrest is uitgesproken op 7 februari 2017 door de Strafkamer van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard.