Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het eerste middel
3.Beoordeling van het vierde middel
4.Beoordeling van de overige middelen
5.Slotsom
6.Beslissing
10 januari 2017.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De verdachte werd door het Hof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor meerdere gevallen van oplichting via advertenties op Marktplaats, waarbij hij laptops en ademautomaten aanbood zonder deze te leveren nadat betaling was ontvangen. Het Hof oordeelde dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan oplichting door zich valselijk voor te doen als bonafide aanbieder en door het gebruik van valse namen.
De verdediging stelde dat verdachte geen opzet had tot oplichting, maar dat zijn leverancier niet leverde, waardoor verdachte niet kon leveren. Het Hof verwierp dit verweer wegens gebrek aan bewijs en ongeloofwaardige verklaringen van verdachte.
In cassatie stelde verdachte onder meer dat het Hof ten onrechte had bewezen verklaard dat hij door een samenweefsel van verdichtsels één benadeelde had bewogen tot afgifte van geld. De Hoge Raad oordeelde dat dit onderdeel van de bewezenverklaring niet zonder meer begrijpelijk was en sprak verdachte daarvan vrij. Daarnaast werd vastgesteld dat de redelijke termijn in cassatie was overschreden, wat leidde tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf met vijf maanden en één week.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het Hof uitsluitend voor het vrijgesproken onderdeel, verminderde de straf en verwierp het beroep voor het overige. Er was geen aanleiding tot terug- of verwijzing omdat de vrijspraak de aard en ernst van het bewezenverklaarde niet aantastte.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van oplichting jegens één benadeelde en de gevangenisstraf is verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn.